Brief aan dhr. Huberts, dir. NSR.


22 januari 2009

Onderwerp: vluchtroute machinist

 

Geachte heer Huberts,

 

Vanaf november 2005 (n.a.v. een botsing bij Wijhe op 3 november 2005) wijst de VVMC op het belang van de aanwezigheid van een vluchtroute voor de machinist. Naar aanleiding van onderzoek door TNO en Holland Railconsult ging er op 22 december 2005 een advies uit naar de directie van NSR. Het advies luidde: altijd vluchten als er sprake is van een dreigende aanrijding! Na drie jaar van gesprekken en onderzoeken is er nog steeds geen vluchtroute gegarandeerd voor de machinist.

 

Wij vragen ons af hoe dit mogelijk is. Al op 23 februari 2007 zijn een groot aantal voorstellen besproken, waaronder ook markering. Afspraak was destijds om de voorstellen voor te leggen aan specialisten die de voorstellen gaan toetsen op: maakbaarheid, kosten, onderhoud en ergonomie. De specialisten komen met een advies richting directie en in december 2007 neemt de directie eindelijk een beslissing: een attentie sticker en gele sergeantstrepen op de vloer. Op zondag 9 maart 2008 was er een bijeenkomst aan de Catesiusweg te Utrecht waar vertegenwoordigers vanuit de medezeggenschap en vakbonden aanwezig waren voor de presentatie van nieuwe bestickering aan de buitenzijde van de trein en markering van de vluchtweg voor de machinist. Dhr. Nol Groot meende als vertegenwoordiger van de directie dat er snel moest worden begonnen met de uitvoering en nam op dat moment een directiebesluit dat de firma die het project zou uitvoeren onmiddellijk kon beginnen met het aanbrengen van de markeringen. Het gehele materieelpark zou eind 2008 van deze markeringen voorzien zijn. Dit nieuws heeft in mei 2008 zelfs in de productiebladen gestaan.

 

In december 2008 blijkt uit een duurproef dat het stickermateriaal op de vloer niet in goede stand te houden is en dat het niet voldoet aan de brandklasse. Hoe is dit mogelijk! Had men dit al niet moeten weten vanuit het onderzoek wat de ‘specialisten’ in 2007 al hadden gedaan naar o.a. duurzaamheid en onderhoud etc.? In een brief van 22 december 2008 geeft dhr. Huberts aan dat door medezeggenschap en zeggenschap de intentie is uitgesproken om gezamenlijk op te blijven trekken op zoek naar verbeteringen. Er zijn op 9 december jl. opnieuw oplossingen besproken en op 9 februari a.s. moet er een nieuw advies geformuleerd worden richting directie. Al met al kunnen we dus concluderen dat er op dit moment (na drie jaar!) nog steeds niets gebeurd is t.a.v. de vluchtroute voor de machinist.

 

Momenteel neemt de onrust onder het rijdend personeel weer toe, vooral de machinisten zijn het zat dat de directie hun veiligheid blijkbaar niet serieus neemt. De aanrijding op 10 januari jl. te Leidschendam waarbij de cabine van de DDAR boven de bufferbak is afgescheurd, laat nog eens duidelijk zien hoe belangrijk de vluchtroute is voor de machinist.

 

Wij kunnen ons goed voorstellen dat een machinist besluit een trein niet te rijden omdat het achter zijn cabine een drukte van jewelste is. Wij beseffen ons ook dat dat niet echt de oplossing van het probleem is. Hiermee verschuiven we het probleem naar de collega’s van de volgende trein. Er moet echter op korte termijn wel iets gebeuren en dus vindt de VVMC dat de directie z.s.m. maatregelen moet nemen waardoor er een vluchtroute gerealiseerd en gegarandeerd wordt voor de machinist. Op deze manier kan de directie ook een signaal afgeven richting het rijdend personeel dat men wel degelijk begaan is met de veiligheid van hun machinisten!

 

Met groet,

 

W.J. Eilert
Bestuurder VVMC